Deze zaterdag maakt Nico Schapendonk zich in zijn column in BN/DeStem druk over gebruik van het woordje ‘ons’.
U weet wel, zo’n typisch Brabants dingetje dat we overal ‘ons’ bij zetten. Ons vader, ons moeder, ons NAC, ons Breda en onzen Toon van tante Tunnie.
Voor ons was dat gevoel van saamhorigheid de reden te kiezen voor de slogan ‘voor ons Breda’. Ook om aan te geven dat het voor de VVD geen kwestie is van afstand tussen politiek, inwoners en ondernemers. We delen een verantwoordelijkheid om er het beste van te maken voor ons Breda.
Die slogan hebben we al maanden. En al maanden gebruiken we vaak in teksten ‘ons Breda’. Omdat dat nu eenmaal is waarvoor wij als partij ons uit de naad werken en inzetten: voor ons Breda.
Nu speelt er de vraag of Breda een asielzoekerscentrum wil huisvesten. Wat de VVD betreft niet. Daarover kunt u hier meer lezen. Toen dit punt ter sprake kwam tijdens ons politiek café, gaf ik een helder antwoord. Daarop volgde een persbericht, waarin we, zoals gewoonlijk, spraken over ‘ons Breda’.
In de Stem wordt het nu gebracht als een wij/zij tegenstelling, een uitsluiting van groepen en een rechtse propagandatruc. Dat vinden wij toch wel ‘onszin’. Wie sluiten we dan uit als we de veiligheid willen verbeteren voor ons Breda? Of als we de parkeermeters buiten winkelopening willen sluiten in ons Breda? Of als we de belastingen, ambtenaren en regels van ons Breda willen verminderen? Of als ons Breda stadsmariniers moet krijgen?
Goed, tot zover het gepraat over onze ‘ons’. Onze VVD gaat weer verder met hard werken voor ons Breda. Over uitsluiting hoeft niemand zich zorgen te maken. Wie ons Brabanders kent weet dat iedereen verrekte snel bij ons hoort.

